Overige medewerkers

Diëtetiek

Juist als u ziek bent of van een grote operatie herstelt, valt (voldoende) eten niet altijd mee. De diëtist is de aangewezen deskundige die u hierbij kan helpen.
Tijdens uw opname in het ziekenhuis kan een diëtist u adviseren of begeleiden bij:

  • een verminderde eetlust
  • ongewenste af- of toename van uw gewicht
  • het volgen van een ziektegerelateerd dieet
  • het gebruik van energie- en eiwitverrijkte producten/drinkvoeding
  • sondevoeding
  • voedingsadviezen bij ontslag uit het ziekenhuis.

Tijdens de opname

Als u op de Intensive Care bent opgenomen, is een diëtist altijd betrokken bij uw behandeling.
Bij ernstig letsel of ziekte heeft het lichaam namelijk een verhoogde energie– en eiwitbehoefte. Hierdoor loopt u meer risico op ondervoeding.
Op de Intensive Care is er veel aandacht voor het zo goed mogelijk voeden.
Wanneer een patiënt aan de beademingsmachine ligt, is normaal eten of drinken niet mogelijk.
Het merendeel van de patiënten krijgt daarom vaak sondevoeding via een maagsonde (slangetje)

Sondevoeding

Sondevoeding is een volledige voeding. Het lichaam kan deze voeding op normale wijze via de maag en darmen opnemen. De voeding is vloeibaar en wordt via de sonde rechtstreeks in de maag of darmen toegediend.
Sondevoeding wordt ook wel enterale voeding genoemd. Enteraal betekent via het maag-darmkanaal.
Sondevoeding bevat alle voedingsstoffen die het lichaam nodig heeft, zoals energie, eiwitten, vet en koolhydraten maar ook vocht, vitamines en mineralen.
Er zijn veel verschillende soorten sondevoeding beschikbaar.
Sondevoeding kan ook als aanvullende voeding naast de normale voeding gebruikt worden.
De arts beoordeelt of sondevoeding nodig is. De diëtist adviseert daarna de juiste soort en hoeveelheid sondevoeding.
De keuze wordt gemaakt op basis van de berekende voedingsbehoefte en de medische diagnose. Per persoon kunnen de samenstelling van de sondevoeding, de hoeveelheid voeding en de tijdsduur van toedienen verschillend zijn.

Voeding via een infuus

Soms is sondevoeding niet mogelijk. Bijvoorbeeld wanneer de darmen door slaapmedicijnen of na een operatie nog niet werken of omdat de darmen om andere redenen niet met voeding belast kunnen worden. De voeding wordt dan via een speciaal infuus toegediend. Hiervoor wordt een dun slangetje (een centraal veneuze katheter) geplaatst in een groot bloedvat.
Infuusvoeding is dus voeding die via een infuus direct in de bloedbaan wordt toegediend. Infuusvoeding wordt ook wel parenterale voeding genoemd. Parenteraal betekent buiten het maag-darmkanaal om.
Infuusvoeding bevat alle voedingsstoffen die het lichaam nodig heeft zoals energie, eiwitten, vet en koolhydraten, maar ook vocht, vitamines en mineralen.
Infuusvoeding kan als volledige voeding worden gebruikt maar ook als aanvullende voeding worden voorgeschreven.
De arts beoordeelt of infuusvoeding nodig is. De diëtist adviseert daarna de juiste soort en hoeveelheid infuusvoeding.
De keuze wordt gemaakt op basis van de berekende voedingsbehoefte en de medische diagnose. Per persoon kunnen de samenstelling van de infuusvoeding, de hoeveelheid voeding en de tijdsduur van toedienen verschillend zijn.